|
Wilde tuin: schoffelen is verboden! |
 |
Zomaar door een wilde tuin
lopen is uit den boze. De planten worden vertrapt en het is slecht voor
de grondcultuur. Maak om toch te kunnen lopen, slingerpaadjes door de
tuin. Ondersteun langs de paadjes hogere delen met rijen palen. Dat
geeft een natuurlijke begrenzing. Neem bijvoorbeeld larikshout dat houdt
het lang uit. Juist langs hoogteverschillen roept zo'n slingerend paadje
'n boeiend sfeertje op. |
|
Vingerhoedskruid, ook voor schaduw
geschikt. Is tweejarig maar zaait zich zelf uit.
|
Groot hoefblad (Tussilago) bloeit vroeg in
het paars en krijg daarna zijn prachtige bladeren. |
 |
Oude stenen is een wereld
apart, In 'n stapel stenen groeien weer heel andere planten,
aangetrokken door vochtige aarde in de groeven en kalkresten. Een
daarvan is de kalkminnende alyssum. Voor het echte bouwwerk is bouwafval
zeer geschikt. Bakstenen, dakpannen, stukken beton, alles is prima.
Stapel ze zonder specie er tussen, maar wel zo dat ze enigszins in
elkaar passen. Tegen een grondkering aan worden de stenen iets
achterover hellend gestapeld. |
Tongvaren, geschikt voor vochtige en
schaduwrijke plaatsen. |
 |
Leverkruid bloeit lang tot in de nazomer
en wordt ongeveer 1,5 meter hoog
|
 |
| |
|
Bereklauw, deze reuzeplant
zaait zichzelf snel uit. Op te droge grond sterft hij na de eerste
bloei.
|
 |
Extra levendig wordt de tuin met diverse milieu's. Vochtige kuilen
trekken bijvoorbeeld andere planten aan dan droge verhogingen van stenen
en bouwafval, zoals hier op de foto de steenbreek. Maar ook andere
soorten, die van 'n droge, kalkachtige plaats houden gedijen hier. |
 |
 |
Hoornblad verwildert heel snel en kruipt
overal tussendoor |
 |
Dotterbloem, houdt van vochtige grond. Bloeit in het
voorjaar met fel gele bloemen |
|
Judaspenning, voelt zich bij
uitstek thuis in 'n wilde tuin. Bloeit in paars,blauw en laat in de
herfst prachtige zilverwitte zaaddozen zien.
|
 |
 |
Een prachtig stukje uit de
wilde tuin, er groeit van alles. |